De Vlinderkas in de Hortus blijft bij veel bezoekers een favoriet. Die vlinders worden allemaal zorgvuldig verzorgd door medewerker Jos en zijn ‘vlinderbrigade’: toegewijde vrijwilligers Fred en Mar.
- door Willeke te FlierhaarElke donderdag
Fred is al sinds 1987 verbonden aan de Hortus. (Mar: “Joh Fred, dat is een jubileum! Er moet een receptie komen!”). Destijds begon hij achter de schermen met redactiewerk. Pas veel later, na zijn pensioen en een reis naar Madagaskar, vond hij z’n plek tussen de vlinders. Voor Mar begon het avontuur in 2004. Ze had al ervaring als vrijwilliger in een andere botanische tuin, maar werd min of meer ‘overgehaald’ om bij de vlinders te beginnen. “Ik dacht: kan ik dat wel? Maar dat leer je gewoon,” zegt ze. En dat bleek waar – al vanaf haar eerste week voelde het als de juiste plek.
Toen Mar en Fred in 2013 samen gingen werken, klikte het meteen. “Hij is gewoon een aardige, rustige man,” zegt Mar. “En dat werkt hier. Het is klein, je zit dicht op elkaar – dan moet het goed voelen.” Sindsdien zijn ze vrijwel elke donderdag samen in de kas te vinden.
Een dag tussen de vleugels
Hun werk begint praktisch: het eten van de vlinders verversen. Stukjes banaan, sinaasappel en een mengsel van honing en eiwitten. Daarna worden rupsen gecontroleerd, planten ververst en – misschien wel het meest precieze werk – poppen verzameld en voorzichtig op stokjes bevestigd. De poppen uit de kweekkas komen uiteindelijk allemaal terecht in de Vlinderkas, op stokjes achter glas. “Het bevestigen van de poppen is echt delicaat,” vertelt Fred. “Soms zijn ze nog te zacht en moet je wachten tot de volgende dag.” Wanneer de vlinders uitkomen, is het moment daar: ze worden vrijgelaten in de kas. Mar doet dat het liefst zelf. “Dan haal ik voorzichtig het glas weg en help ik ze een beetje op weg. Soms vliegen ze meteen, soms blijven ze nog even zitten. Dat moment blijft bijzonder.”
Aandacht voor de natuur
Het werk vraagt geduld en aandacht. Sommige poppen zijn moeilijk te vinden en vereisen een scherp oog. “Je moet planten draaien, goed kijken,” zegt Mar. “Soms zie je ineens iets hangen wat je eerst helemaal gemist hebt.” Maar minstens zo belangrijk is de menselijke kant. De Vlinderkas en de Hortus zijn niet zomaar alleen een werkplek. Het is ook een gemeenschap. Herinneringen aan collega’s, gezamenlijke borrels en afscheid nemen van dierbare collega-vrijwilligers maken het een plek van verbondenheid.
En beiden zijn nog lang niet van plan te stoppen. Mar lacht: “Zéker tot mijn tachtigste – als het me gegeven is.” Voor Fred geldt hetzelfde: zolang het kan, blijft hij komen. En zo zorgen ze, week na week, voor een kleine wereld vol beweging en kleur. Misschien is dat wel precies wat hun werk zo bijzonder maakt: aandacht voor de natuur. Iets wat alle mensen in de Hortus met elkaar verbindt.
Voor wie de Hortus bezoekt, lijkt de tuin vanzelfsprekend prachtig. Maar wat bezoekers vaak niet zien, is het werk van alle mensen die dag in dag uit zorgen voor deze groene oase in Amsterdam.
De portretreeks Met liefde voor planten | De mensen achter de Hortus geeft een kijkje achter de schermen. In beeld en tekst komen toegewijde medewerkers en hun dagelijkse werk tot leven.
De foto’s zijn van Oliver Kiss (Studio Feierabend):
“I’m Oliver, an Amsterdam-based portrait and documentary photographer, capturing people and their passions.”
