Niet achter een bureau, maar met een rondje langs de planten: zo begint Iris iedere werkdag in de Hortus. Dat klinkt als de droom van elke plantenliefhebber – en dat is het voor Iris ook: “Ik zou het op deze manier helemaal niet erg vinden om door te moeten tot m’n zeventigste.”
- door Willeke te FlierhaarAlgenmest
Observeren is het eerste wat ze doet. Langs de planten in de Kaapse kas en in de Overtuin: het kweekkassencomplex van de Hortus. Want sinds 2023 is Iris collectiespecialist van de Kaapse collectie. Dat zijn planten uit de Zuid-Afrikaanse Kaapregio, een biodiversiteitshotspot waar veel soorten juist in de winter actief zijn. Daardoor is haar werk allesbehalve rustig in de winter. Integendeel. Terwijl de buitentuin van de Hortus slaapt, groeit en bloeit de Kaap gewoon door.
Water geven gebeurt deels automatisch, via een app, maar controle blijft essentieel. Iris loopt altijd nog een extra ronde, kleine aanpassingen maken een groot verschil. “Je bent eigenlijk continu aan het kijken of alles nog klopt.” Naast water en voeding – soms met een licht stinkende algenmest – bestaat haar werk uit snoeien, zaaien, opkweken, wieden, de collectie bijhouden én… zaden roken. Daarover later meer.
Goede beestjes
Iris let ook op de eventuele aanwezigheid van plaagdiertjes of schimmels. “We bestrijden kwaadaardige beestjes met goede beestjes. We willen namelijk geen gif gebruiken. De Kaapse planten zijn ook gevoelig voor schimmels, dus dan moeten we zo snel mogelijk de aangetaste planten eruit halen en de schade beperken. Soms moeten we ook wat bijsturen in het klimaatsysteem, want dat heeft natuurlijk ook invloed op de plantgezondheid.” Het doel is dat de planten zélf zo sterk mogelijk worden, zodat ze zich op een natuurlijke manier kunnen weren tegen beestjes en schimmels.
Weeskindertjies en diva's
Ook over de beplanting moet Iris goed nadenken. Welke soorten komen waar? Wat zaaien of stekken we, en wanneer? Een belangrijk deel van de Kaapse kas is nu nog gevuld met tijdelijke, ingekochte planten. Mooie cultivars, maar niet Iris’ einddoel. “Uiteindelijk wil ik ze vervangen door bijzondere soorten, met materiaal dat echt uit Zuid-Afrika komt.” Die kweekt ze nu zelf op. In de herfst zaaide ze onder andere Kaapse bollen, zoals klaverzuring (Oxalis), gladiolen en soorten die in de zomer volledig in rust gaan.
Wat Iris het leukst vindt? Ze hoeft niet lang na te denken (al blijft kiezen lastig). Vorig jaar ontdekte ze een nieuwe favoriet: eenjarigen. “Die kiemen snel, bloeien uitbundig en zaaien zichzelf weer uit.” Voorbeelden zijn de weeskindertjies
(Nemesia versicolor) en Cotula – of ‘knopjes’, zoals Iris ze liefkozend noemt. In de kas gedragen sommige eenjarigen zich zelfs alsof ze meerjarig zijn. Zonder strenge winter blijven ze gewoon doorgaan. “Ze zijn duidelijk comfortabel,” lacht Iris. Een groot contrast met de protea’s. “Dat zijn echte diva’s, die zijn heel erg needy. Ik heb een beetje een haat-liefde verhouding met ze.” De verzorging van protea’s is complex. Gelukkig is Iris er vorig jaar goed in geslaagd om veel nieuwe soorten op te kweken.
Bijenroker
Want het blijft soms een beetje experimenteren. Zo ook de rookbehandeling van zaden. In de Kaapregio komen periodieke natuurbranden van nature voor, meestal eens in de 10 tot 15 jaar. Door het droge, warme klimaat en veel wind verspreiden branden zich daar snel. Voor de flora zijn deze branden essentieel. Veel planten uit de fynbos-vegetatie zijn eraan aangepast en sommige zaden ontkiemen pas na hitte of rook. Deze natuurlijke omstandigheden probeert Iris ook na te bootsen voor de collectie in de Hortus. In een bijenroker (geleend van de Hortus imker) verzamelt ze gedroogde plantenresten – om deze vervolgens voorzichtig aan te steken. De rook die zich ontwikkelt blaast ze over de pas gezaaide zaden en bollen. “Het verschilt erg per soort of ze hitte, rook of allebei nodig hebben om te kiemen. Sommige soorten kiemen ook zonder,” zegt Iris. “Maar het kan sowieso geen kwaad. En het vertelt een verhaal.”
De Kaapse kas is onderdeel van de vernieuwde Klimatenkas, die opende in juni 2025. Vergeleken met de tropische kas lijkt dit deel op het eerste gezicht meer ingetogen. En dat is precies wat Iris er ook mooi aan vindt: “Het is misschien wat meer bescheiden, maar da’s juist heel cool. Het is geen plek voor een Instagram shoot, maar je kunt er echt verstopte cadeautjes tegenkomen. Je moet gewoon even wat langer kijken.”
Voor wie de Hortus bezoekt, lijkt de tuin vanzelfsprekend prachtig. Maar wat bezoekers vaak niet zien, is het werk van alle mensen die dag in dag uit zorgen voor deze groene oase in Amsterdam.
De portretreeks Met liefde voor planten | De mensen achter de Hortus geeft een kijkje achter de schermen. In beeld en tekst komen toegewijde medewerkers en hun dagelijkse werk tot leven.
De foto’s zijn van Oliver Kiss (Studio Feierabend):
“I’m Oliver, an Amsterdam-based portrait and documentary photographer, capturing people and their passions.”
